Het Vrije Volk
Van deskundige mag professionele houding worden verwacht

SYTSE DE JONG - 09 AUGUSTUS 2011


Bij een ingrijpende gebeurtenis kan uitleg van een deskundige verhelderend werken. Daarbij mag de krantenlezer ervan uitgaan dat de deskundigheid correct wordt aangewend.

Een voorbeeld van het tegenovergestelde stond dinsdag 9 augustus 2011 afgedrukt op de pagina podium van Trouw. Een hoogleraar forensische psychologie aan de Universiteit Maastricht zette in de krant Geert Wilders als potentieel patiënt van een tbs-kliniek weg. De aanleiding voor het artikel is op het eerste gezicht de terreuraanslag van Anders Breivik.

Zoals andere burgers heeft ook de Ruiter het nieuws over de afschuwelijke gebeurtenissen in Noorwegen gevolgd. Tot zover niets aan de hand. Maar geeft dat burger Corine de Ruiter het recht vervolgens in de hoedanigheid van hoogleraar forensische psychologie de positie van deskundige in te nemen? Als De Ruiter vanuit haar vakgebied een bijdrage wil leveren, mag het antwoord zonder meer bevestigend luiden. Gelukkig zijn er mensen die hun kennis met anderen willen delen en zo een bijdrage kunnen leveren aan een beter begrip een gedegen meningsvorming.

De onbeholpen wijze waarop De Ruiter Breivik als vertrekpunt van haar bijdrage opvoert, geeft al te denken. De inleidende alinea’s komen niet verder dan het benoemen van enkele gemeenplaatsen. Er wordt gerept van een lont in het kruitvat van het Nederlandse politieke landschap, over elkaar buitelende politici van links en rechts, over wederzijdse verdachtmakingen en verwensingen. Er worden wat internetcitaten opgevoerd. Lezers die het hebben gemist, wordt verteld dat er van een heuse Twitter-vete sprake is. Als De Ruiter zich in de motieven van Breivik en de achtergrond van zijn handelen heeft verdiept, slaagt ze er wonderwel in haar bevindingen voor zich te houden.

Niet dat het er veel toe doet. Want Noorwegen is voor De Ruiter met name van belang als aanloop naar haar eigenlijke boodschap. Pas halverwege het artikel komt de werkelijke aanleiding voor de aangewende deskundigheid boven tafel. Een week of wat geleden sprak de rechtbank Amsterdam Wilders van alle aanklachten vrij. Met het veronderstelde gelijk van Noorwegen aan haar kant, stelt De Ruiter nu verwijtend dat de juridische werkelijkheid en de psychologische werkelijkheid in dit proces duidelijk niet parallel liepen. Dat hadden de meeste lezers ook zonder deskundige inbreng waarschijnlijk al van meet af aan begrepen. Gelukkig heeft in de rechtsstaat Nederland de juridische werkelijkheid van de rechtbank Amsterdam voorrang boven forensisch-psychologische theorieën van hoogleraren. Laten we hopen, dat het zo nog lang zal blijven.

Het gaat er De Ruiter kennelijk om Wilders als veroorzaker van verbaal geweld en verbale bedreiging weg te kunnen zetten. Daarvoor bieden een rechts-extremistische Noor en een Marokkaanse Nederlander, die in het artikel als voorbeeld van psychologisch gekwetst persoon wordt opgevoerd, een voor de hand liggende kapstok. Grootmoedig verzucht De Ruiter overigens dat Wilders de stap naar fysiek geweld, gelukkig, te ver vindt gaan. De komma’s voor en na het woord gelukkig zijn van De Ruiter. Wel laat de hoogleraar weten dat intensivering van de behandeling aan de orde zou zijn, als Wilders een patiënt was in een tbs-kliniek.

Het staat De Ruiter vrij deze mening te verkondigen. Maar het zou fraaier zijn, wanneer dat niet gebeurt onder een slecht passende dekmantel van deskundigheid bij de gratie van lukraak bij elkaar geharkte actualiteit. Wie vindt dat Wilders in een kliniek thuishoort, en dan nog op het ochtendbulletin wordt vermeld van patiënten die de 24 uur daarvoor bij een incident waren betrokken en dus een ‘probleem’ hebben, moet dat onder de vlag van de eigen, hoogstpersoonlijke mening verkondigen. Pas met een grondig onderbouwd betoog krijgt de mening een lading van deskundigheid.

Het zou mij hogelijk verbazen, wanneer de forensische psychologie als wetenschap voor het nastreven van politieke doeleinden is bedoeld. Een dergelijk beeld doet mij denken aan de tijd van de Sovjet-Unie. Tegenstanders van het communistische regime werd een passende psychiatrische aandoening toegekend, waarop ze aansluitend in een inrichting konden worden opgesloten. Het recht en de psychologische werkelijkheid liepen zo overigens keurig parallel, dat weer wel.

Sytse de Jong