Het gedrag van Anders Behring Breivik
DRS. SUIJKER - 09 AUGUSTUS 2011Anders Breivik zal op zijn gedrag beoordeeld en geoordeeld moeten worden. Het hebben van een bepaalde persoonlijkheid en ideeën is niet strafbaar. In de media wordt steeds de vraag gesteld hoe deze man in Godsnaam tot zulke verschrikkelijke daden kon komen. En steevast wordt er gewezen op zijn veronderstelde gekte. “Iemand die zo iets doet móet wel gek zijn. . . .” en daarmee wordt de onbegrijpelijkheid van zijn daden benadrukt. Deskundigen die toch iets proberen te begrijpen van hem worden vervolgens met een zekere meewarigheid aangekeken en maken zich verdacht dat ze mogelijk sympathie koesteren voor zijn gedachtegoed. Op de Universiteit van Amsterdam heb ik op de Subfaculteit Psychologie geleerd dat Gedrag een functie is van Persoon en Omgeving: G = f(P en O). De Subfaculteit Psychologie was een links bolwerk. In de vakgroep waar ik studeerde was PvdA coryfee Guusje ter Horst een van mijn medestudenten. Toen had zij nog de uitstraling van een fee. Maar at terzijde!) Op de faculteit had men in de vergelijking G=f(P en O) niet zoveel op met de factor Persoon. De factor P werd uitgewerkt als Persoonlijkheid in relatie tot de Omgeving. De Omgeving zou dus iemands persoonlijkheid bepalen. Technisch gezien zijn het de prikkels (stimuli) die tot het gedrag van een persoon aanzetten. Het gedrag is dan een antwoord (respons) op de situatie. Om gedrag te beschrijven (en te voorspellen, want daar gaat het natuurlijk om) kwam men tot eindelozen stimulus-respons-ketens. S-R-ketens. Gegeven een prikkel was er een kans (waarschijnlijkheid) op die en die respons en vervolgens werd die respons weer een prikkel voor een verdere respons, enz. enz. Die S-R-ketens zouden blijven bestaan of uitdoven, afhankelijk van beloning of straf. Door beloning zou de S-R-keten bekrachtigd worden en door geen beloning of straf uitdoven. Zo’n S-R-keten noem je een leerproces: aanleren en afleren. De persoon of de persoonlijkheid werd beschreven in termen van die leerprocessen. Uitgangspunt in de formule dat Gedrag een functie is van Persoon(lijkheid) en Omgeving is dat kennelijk alle personen gelijk zijn en de omgeving bepaalt wat het gedrag of de daden worden. Gelijkheid en maakbaarheid dus. Psychologen die hiermee wereldberoemd zijn geworden zijn o.a. de Rus Pavlov en de Amerikaan Skinner. De Bolsjewieken lieten Pavlov tijdens de Oktoberrevolutie in 1917 lekker doorgaan met zijn experimenten omdat hij de psychologie kon leveren voor het maken van de gedisciplineerde ideale Sovjet-mens. Skinner deed het op z’n Amerikaans, wat er op neerkwam dat als je mensen iets wilt laten doen je ze er op een of andere manier voor moet belonen respectievelijk moet betalen. Pavlov experimenteerde met honden en Skinner met ratten. Pavlov spande zijn honden in een tuigje zodat er geen vrije beweging mogelijk was -trouwens echt typerend voor het communistische systeem - en liet ze bepaalde taken uitvoeren. Deed zo’n hond het goed, dan kreeg ie een stukje vlees. Deed ie ’t fout, dan volgde er geen vlees of er kwam een stroomstoot. Op een gegeven moment in het experiment werd de taak de hond te veel en werd de hond gek, begon te blaffen en te bijten en was voorgoed verpest en kon niet meer functioneren in het experimentele systeem. Op een vergelijkbare manier is het Sovjetsysteem ingestort. Skinner deed het anders, echt op z’n Amerikaans met veel meer vrijheid. De ratten mochten vrij rondlopen in een bepaalde ruimte met allerlei knopjes. Drukte de rat op het goede knopje, dan volgde er een beloning. Deed het beestje het fout, dan geen beloning of een stroomstoot. Maar die Amerikaanse vrijheid had ook zijn beperkingen. Ook hier kwamen de ratten uiteindelijk in het gekkenhuis terecht. Een gerechtvaardigde conclusie hieruit is dat het gedrag van een hond niet maakbaar is en dat van een rat ook niet. Er is ook met andere dieren geëxperimenteerd, en we komen uiteindelijk bij de mens terecht waarvan het gedrag ook niet maakbaar is, want de mens is zoals hij is en wordt uiteindelijk gek als ie dingen moet doen die tegen zijn aard en natuur ingaan. Levens volgens zijn aard en natuur bepaalt hoe vrij hij zich voelt. Wat mij nou zo opvalt bij de toch wel linkse media, is dat ze helemaal aan dit wetenschappelijke linkse gedachtegoed voorbijgaan in de verklaring van het gedrag van Anders Breivik en het meteen over de persoon van hem willen hebben. Anders Breivik mag dan een eigenaardige jeugd hebben gehad en allerlei varianten van vader- en moedercomplexen hebben, waardoor hij seksueel gestoord is geraakt, maar als er in Noorwegen niet zoveel moslimimmigranten waren met het vooruitzicht dat er nog veel meer komen, dan had Anders Breivik geen autobom geplaatst en geen 78 mensen doorgeschoten. Zo simpel ligt het! Anders Breivik mag dan nu gek zijn, vroeger was hij het niet. Hoe is dat gekomen? De psychologische theorie die ik hierboven summier schetste voorspelt (ondanks alles blijft links erin geloven) dat er steeds meer mensen als Anders Behring Breivik komen. De Noorse Regering zegt steeds dat ze doorgaat op de oude voet met de maakbaarheid van mens en samenleving en er zelfs een schep bovenop wil doen. Zou het niet eens tijd worden echt naar de persoon van de burger te kijken en vragen wat er in hem omgaat en wat hij wil? Dat is echte psychologie. Drs. Suijker te Amsterdam Naschrift redactie: rare jongens, die linkse psychologen. Gelukkig zijn mensen geen ratten of honden en hebben, anders dan sommige zomergasten beweren, een vrije wil. Als Breivik een voorbeeld had genomen aan Fjordman, was hij gaan bloggen en zou hij hebben bijgedragen aan de demontage van het cultureel-marxistische multikulgedachtegoed en het doorbreken van het opiniemonopolie van de MSM. Ook in Noorwegen moet dat lukken. Al lopen ze daar wat achter.
|
|



