Het Vrije Volk
De haat van de moslims tegen het Westen

E.J. BRON - 27 OKTOBER 2009


In veel islamitische landen worden christenen vervolgd. Bijzonder dramatisch is de situatie in Irak. Oorzaak is de haat van de moslims tegen het Westen.

Opeens is christenvervolging weer een thema. Deskundigen beweren dat er nog nooit in de geschiedenis zoveel christenen werden vervolgd als nu. Naar schatting 200 miljoen – dus een op de tien christenen – worden vanwege hun geloof gediscrimineerd: in Noord-Korea door de communistische machthebbers, in India door fundamentalistische Hindoes. Vooral in islamitische landen zoals in Irak, Iran of Jemen vinden schendingen van de mensenrechten plaats. Sinds 11 september 2001 en de door de Amerikaanse president Bush geproclameerde ”War on terror” is de situatie van de christenen in islamitische landen merkbaar verslechterd.

 

Christenen leden in de Koude Oorlog

 

Nog niet zo lang geleden, tot aan de val van de Berlijnse Muur, hadden christenen vooral te lijden onder het communistische staatsatheïsme. Ook in Zwitserland richtten krijgers van de Koude Oorlog zoals de pastoors Eugen Voss of Hansjörg Stückelberger organisaties op zoals ”Geloof in de Tweede Wereld” of ”Christian Solidarity International” om de aandacht te vestigen op de in het nauw gebrachte christenen achter het IJzeren Gordijn. Tegenwoordig is daar de situatie van christenen sterk verbeterd en in nog steeds communistische landen zoals China, Vietnam of Cuba ook merkbaar ontspannen. Des te meer dient er te worden gesproken over de in het nauw gebrachte christenen in islamitische landen.

 

Het zijn minder de privéorganisaties aan de rechterkant van de kerken die de aandacht vestigen op dit probleem, maar de kerken zelf, van de Zwitserse Evangelische Kerkenbond, de bisschoppenconferentie en verschillende kantonnale kerken. In mei al had de Evangelische Kerkenbond het programma ”Solidariseren en handelen” opgedragen aan de ”gediscrimineerde en in het nauw gebrachte christenen in de wereld” en zodoende het probleem op de agenda gezet.

 

Verschillende soorten nood

 

Omgekeerd voelen bepaalde kerkelijke organisaties zich genoodzaakt om vanuit politiek correct oogpunt de vervolging van christenen te verzwijgen of deze er zelf voor verantwoordelijk te maken, omdat ze in die landen missiewerk zouden bedrijven. Ze trekken intussen één lijn met islamitische functionarissen, die gedeeltelijk als in een reflex beweren dat christenen in islamitische landen gelijke rechten zouden hebben en dat men van hun noden niets zou weten.

 

Daadwerkelijk bestaan er, afhankelijk van het land, verschillende vormen van nood: het scala reikt van sociale en juridische benadeling tot de beperking van de vrijheid van eredienst tot de privésfeer, van het verbod van missiewerk tot het verbod op theologische opleidingsinstituten, Bijbels en symbolen, van verdrijving en ontvoering tot gevangenisstraf en zelfs het vermoorden van christenen. Vaak wast de staat zijn handen in onschuld, omdat niet hij als vervolger optreedt. Dat doen haatpredikers en het opgestookte gepeupel.

 

Systematische terreur in Irak

 

Van een echte christenvervolging, de grootste van deze tijd, spreekt men tegenwoordig in Irak, een land, dat eigenlijk een grote rijkdom aan minderheden en religies kent. De christenen, die vooral tot de chaldees-katholieke, maar ook tot de Syrisch-orthodoxe kerk behoren, hebben op het gebied van het huidige Irak een duizenden jaren oude cultuurgeschiedenis. Plotseling vertelt men ze echter dat ze er niet meer bij horen.

 

Sinds de val van de dictator Saddam Hussein zijn de leefomstandigheden in het land catastrofaal. De vreselijke oorlog van 2003 heeft heel Irak overhoop gehaald. Vooral de christenen zijn sindsdien het slachtoffer van een systematische terreur van islamitische groeperingen en criminele bendes. Voorpaginanieuws zijn in het gunstigste geval individuele gevallen van persoonlijkheden zoals dat van de door rebellen ontvoerde chaldees-katholieke bisschop Paulos Faraj Rahho in Mosul.

 

Tot nu toe werden er meer dan 40 kerken in Irak verwoest. Christenen werden bedreigd, overvallen, verdreven, ontvoerd en vermoord. In Dora, Bagdad en gedeeltelijk ook in Mosul lijden de christenen onder regelrechte religieuze zuiveringscampagnes. Het gevolg is een weergaloze exodus.

 

Terwijl er in Irak in 1994 nog 1,4 miljoen christenen waren, is hun aantal tot 2008 tot minder dan 400.000 teruggelopen. Duizenden zijn als binnenlandse vluchtelingen op weg naar het noorden. Velen leven in de vluchtelingenkampen in Syrië en Jordanië. ”Islamitische groeperingen willen de christenen het land uitdrijven en hen wijsmaken dat Irak niet hun vaderland is”, zegt Horst Oberkampf, pastoor van de landskerk van Baden-Württemberg, die sinds 1991, eerst vanuit het zuidoosten van Turkije, naar Irak reist. De geestelijke zet zich daar samen met een solidariteitsgroep in voor het behoud van het christelijke leven – op steeds sterkere basis: ”We werken met de Beierse landskerk samen en proberen andere kerken, ook Zwitserse, mee te laten doen”, wat schijnt te lukken. Met het oog op de hachelijke situatie pleit de Duitse bisschoppenconferentie voor een ruimhartige oplossing bij de opname van christelijke vluchtelingen uit Irak.

 

Verboden en beperkingen

 

Een bijzondere beperking van de vrijheid van godsdienst is vast te stellen in Eritrea en in Saoedi-Arabië, waar het tot staatsdoctrine verheven fundamentalistische wahabisme de vrijheid van religie principieel afwijst. Het is verboden om openlijk en zelfs privé de christelijke religie uit te oefenen. Het koninkrijk wil als geboorteland van de profeet de islam in religieuze zuiverheid bewaren.

 

In Iran, Soedan en Maleisië wordt bekering of uittreding uit de islam principieel met de dood bestraft.

 

In Egypte en Turkije worden christenen veelmeer sociaal buitengesloten. De Kopten, een oude christelijke minderheid in Egypte die meer dan 10 % van de bevolking vormt, zijn in de omgang met de autoriteiten gedegradeerd tot tweederangs burgers – hoewel staatspresident Hosni Moebarak officieel spreekt van gelijkberechtiging. Vooral het afgelopen jaar kwam het tot meerdere gewelddadige overvallen van islamitische broederschappen op christenen.

 

In Turkije, waar de religie door de (seculiere) staat wordt gecontroleerd, leven tegenwoordig nog maar 0,15 % christenen. Ze hebben talrijke repressies te verduren. De katholieke bisschop Luigi Padovese van Anatolië klaagt, dat hij zijn huis alleen zou kunnen verlaten onder politiebescherming en op de Paulus-gedenkplaats in Tarsus geen kerk zou mogen bouwen.

 

De door de Europese Unie gestimuleerde heropening van de in 1971 door Turkse autoriteiten gesloten orthodoxe universiteit in Chalki, werd in februari opnieuw door de regering als ”in strijd met de grondwet” afgewezen. Tegen het klooster Mor Gabriel in Tur Abdin lopen meerdere processen, omdat de Turkse regering diens bezit onteigenen en er een museum bouwen wil.

 

Christenen zijn agressors

 

Pastoor Horst Oberkampf maakt mee, hoe de oorlog oude vijandbeelden consolideert: ”Islamisten beschuldigen christenen: jullie zijn vijanden uit het westen, jullie hebben hetzelfde geloof en spelen onder één hoedje met de Amerikanen.” Zo zouden de christenen, speciaal diegenen die bij de Amerikanen gewerkt zouden hebben, datgene moeten verdragen wat eigenlijk voor de Amerikanen bedoeld zou zijn. Oberkampf heeft het gevoel, dat in het Midden-Oosten tegenwoordig christenen niet meer welkom zouden zijn, omdat ze als agressors zouden gelden en te veel met het westen verbonden zouden zijn.

 

In Irak willen de islamisten volgens Oberkampf helemaal alleen bepalen hoe het land er uit moet zien. Vooral sinds oktober 2005, toen de staat zichzelf een nieuwe grondwet gaf en de sharia als enige rechtssysteem invoerde, eisen de islamisten dat de christenen worden zoals zij: ”Vrouwen moeten zich versluieren”, aldus Oberkampf. ”Als ze ongesluierd over straat gaan, zijn ze in principe vogelvrij. En handelaren kunnen bepaalde waren zoals alcohol niet meer verkopen.”

 

Dat de christenen in Irak zelf schuldig zouden zijn aan hun misère, omdat ze missiewerk zouden verrichten, is er volgens Oberkampf helemaal met de haren bijgetrokken. Uiteraard zouden er evangelische groepen bestaan die zich met missiewerk zouden bezighouden. ”Dat zijn echter niet de christenen van hier, maar nieuwe immigranten uit Noord-Amerika, die de christenen van de oude kerken proberen los te weken.” Veel inheemse christenen zouden zich door de Amerikaanse missionarissen in het nauw gebracht voelen.

 

De evangelische missionarissen hadden zich in Irak tijdens het internationale embargo van 1991 tot 2003 onder de dekmantel van humanitaire organisaties gevestigd. Volgens Oberkampf ”willen ze de moslims bekeren en scheppen daardoor wantrouwen en onheil.” Met sociale en onderwijsprojecten proberen ze ook de onzekere christenen aan de haak te slaan. Pastoor Oberkampf: ”Mensen in nood klampen zich aan iedere strohalm vast.”

 

Bron: http://bazonline.ch/ausland/asien-und-ozeanien/Der-Hass-der-Muslime-auf-den-Westen/story/30738284

Auteur: Michael Meier

 

 

Vertaald uit het Duits door:

E.J. Bron

Reageren kan op het Pim Fortuyn Forum.